Blauwe zorg Maastricht

7 maart 2019

In vier Maastrichtse wijken wordt op dit moment een beweging op gang gebracht naar meer gezondheid en meer kwaliteit van leven. Niet met een enkel deelproject, maar door een veelheid van ideeën tegelijkertijd op te pakken en wijkgericht uit te proberen, als in een snelkookpan. ‘Wat, vroegen we ons af, als we het gedachtengoed van positieve gezondheid eens heel fundamenteel en concreet in een wijk laten landen?’ Met ‘ons’ bedoelt Guy Schulpen, medisch directeur van de zorggroep ZIO, niet alleen ZIO, maar ook de gemeente Maastricht, zorgverzekeraar VGZ en natuurlijk de wijkbewoners zelf.

Sinds 2013 groeit in Zuid-Limburg het label Blauwe Zorg: zorg. Daarin draait het om duurzaamheid, maatschappelijke verantwoordelijkheid en integraal werken. Eerder al kwamen er in het kader van Blauwe Zorg nieuwe GGZ-concepten van de grond en werd samen met het Maastricht UMC de stadspoli ontwikkeld. Vorig jaar ging de nieuwste loot aan de stam van start: Blauwe Zorg in de Wijk. ‘We werken’, zegt Schulpen, ‘aan een beweging die duurzamer is dan alleen de projectfase. Dat vraagt van bestuurders, hulpverleners en patienten een andere manier van denken.’

Blauwe Zorg in de Wijk vindt plaats in vier wijken en heeft acht onderdelen, die in het magazine dat afgelopen oktober verscheen mooi worden toegelicht. Alle onderdelen versterken het aanbieden van ontschotte zorg en ondersteuning. In de randvoorwaardelijke sfeer kan dat kan gaan om een veilige digitale overlegtafel. Meer zorginhoudelijk gaat het bijvoorbeeld om de strijd tegen overgewicht, eerstelijns jeugdzorg of het verbeteren van de hulp aan gezinnen met een hoge en dure – vaak domein-overschrijdende – zorgconsumptie. Afspraken tussen gemeente en zorgverzekeraar maken in Blauwe Zorg in de Wijk ook budgettaire domeinoverschrijding mogelijk.

Data combineren
Om zicht te krijgen op wat er nodig is, is bewust te rade gegaan bij een veelheid aan data uit verschillende bronnen (gemeente, GGD, zorgverzekeraar, demografische gegevens, gegevens uit de arrangementenmonitor). Door deze informatie te ordenen volgens de zes domeinen van positieve gezondheid is een beschrijving van de ‘gezondheidstoestand’ van de vier wijken ontstaan. Wat zijn de kenmerken van de populatie? Hoeveel zorg consumeren zij in het verzekerde domein en hoeveel in het gemeentelijke domein? Om welke zorg of ondersteuning gaat het en sluit dat aan bij wat je op basis van de cijfers zou verwachten?

Schulpen: ‘Op ons verzoek hebben professionals en wijkbewoners ook casuïstiek aangedragen voor een casusboek. Grote en kleine voorbeelden van bijvoorbeeld samenwerking die slecht is afgestemd of processen die elkaar tegenwerken. We denken soms dat we het netjes hebben geregeld, dat die klassieke voorbeelden als gezinnen met vijftien hulpverleners bij ons niet voorkomen, maar dat blijkt stiekem toch wat minder dan we soms toe durven te geven.’ Aan de hand van het casusboek en de cijfers gaan professionals en wijkbewoners met elkaar in debat en ontstaan ideeën voor concrete interventies. ‘Zo’n eerste fase heeft vooral met bewustwording te maken’, zegt Schulpen. Daarbij horen ook de workshops voor zowel de professionals als de wijkbewoners over de zes dimensies van positieve gezondheid. Wat is de samenhang en wat betekent dat?

Eerstelijns jeugdzorg
Schulpen noemt de jeugdzorg als voorbeeld. ‘Met 120.000 inwoners is Maastricht niet groot te noemen, maar toch zijn er meer dan 200 gecontracteerde aanbieders in de jeugdzorg. Dat is voor een huisarts niet te overzien.’ In de vier wijken is daarom gekozen voor de introductie van een POH Jeugd in beide huisartsenpraktijken. Deze POH is ook lid van het gemeentelijk team Jeugd, waardoor beter verwezen kan worden. Maar er is meer: in bijna tweederde van de hulpvragen is doorverwijzing niet eens meer nodig en pakken de POH Jeugd (of het maatschappelijk werk in het voorveld) de hulpvragen – vaak faalangst, depressie, opvoedingsvragen – zelf op. ‘De POH Jeugd houdt de jeugdzorg dichtbij huis en is een bijzonder effectief filter om onnodige en dure zorg te voorkomen’, constateert Schulpen.

Partner
Elk onderdeel van Blauwe Zorg in de Wijk moet gezien worden als een onderzoek naar de voorwaarden voor betere zorg. Een belangrijk resultaat, zegt Schulpen, is dat niet alleen de huisarts breder gaat denken. Ook de gemeente realiseert zich in toenemende mate hoe waardevol het is om andere partijen te betrekken bij het beleid. De huisartsenzorg – inhoudelijk nauw verbonden met het sociale domein, maar financieel helemaal onafhankelijk daarvan – is een heel geschikte partner. ‘We praten nu bijvoorbeeld over het inkoopbeleid. Misschien kunnen we richting 2021 komen tot een meer coöperatieve vorm van. De huidige aanbesteding op basis van prijs en volume heeft geleid tot versplintering en een enorme hoeveelheid aanbieders. We zoeken nu naar een systematiek waarmee we binnen het beschikbare budget samen met de aanbieders iedereen kunnen voorzien van de benodigde zorg. Zo nemen we samen verantwoordelijkheid zowel voor de kwaliteit van zorg en de uitgaven, als voor vernieuwing.’

Fotografie: MCM productions

Gerelateerde artikelen


Bekijk meer artikelen

Contactpersonen