InEen versterkt, vernieuwt en verbindt de eerste lijn en behartigt de belangen van de georganiseerde eerste lijn. Een ijzersterke eerste lijn: daar wordt iedereen beter van! Lees verder.
headerbeeld bij Zes bestuurders en zes wensen voor het nieuwe jaar

Zes bestuurders en zes wensen voor het nieuwe jaar

18 december 2017

Het is een kleine traditie van InEen om aan het eind van het jaar een aantal bestuurders te vragen naar de opdrachten die zij in het nieuwe jaar voor zich zien en terug te blikken. Ditmaal spraken drie bestuurders die aantraden en drie die afscheid namen. Drie mannen en drie vrouwen. Wat ze gemeen hebben is hun bevlogenheid en passie voor de zorg in algemeen en de eerste lijn in het bijzonder.


Marijke ’t Hart
, directeur Gezondheidscentra Haarlemmermeer, ging deze zomer na 27 jaar in de zorg met pensioen. ‘Ik blijf wel actief, want ik wil graag mijn ervaring delen,’ zegt ze. ‘Wat ik heb geleerd is dat je de beste zorg kunt leveren als directie en management zorgen dat de medewerkers hun werk goed kunnen doen. Veel luisteren dus, faciliteren en dan de koers bepalen. Het belangrijkste daarbij is dat de mensen op de werkvloer zich betrokken voelen. Het is hún werk.’ Samenwerken is haar andere stokpaardje. Samenwerken is meer dan samen onder één dak gaan zitten, zegt ze, en voor huisartsen is dat geen automatisme, ‘Huisartsen zijn getraind om snel beslissingen te nemen om risicovolle situaties uit te sluiten. Dat is een belangrijke vaardigheid die ze nodig hebben, maar die in samenwerking onhandig is. Bij succesvol samenwerken gaat het om draagvlak, dat is de crux. Dat kan nog veel beter, al zie ik dat daar de laatste jaren in gezondheidscentra, zorggroepen, huisartsenposten en andere samenwerkingsverbanden een slag is gemaakt.’ Wat ’t Hart betreft is de werkdruk op de huisarts een van de grote uitdagingen voor de komende jaren. ‘Ik vind dat we veel van de huisarts vragen. De zorg wordt zwaarder door verschillende factoren en dan is een aansluitende dienst op de huisartsenpost, met consulten tot elf uur, vaak ook nog in spoedeisende situaties, een zware taak.’


Martijn van der Werff
is sinds 1 maart bestuurder bij van Dokterszorg Friesland; daarvoor was hij manager bedrijfsvoering bij de ziekenhuizen van Treant Zorggroep. ‘Ik merkte’, zegt hij, ‘dat de problematiek van het ziekenhuis, de grenzen van het ziekenhuis overgaat, onder andere naar de eerste lijn. Dat vraagt om een partnerschap, dat ik nu vanuit de andere kant verder kan ontwikkelen.’ Van der Werff doelt onder andere op de samenwerking tussen huisartsenpost en SEH. ‘We gaan naar een meer integrale benadering van de anw-zorg. Je ziet dat de anw-zorg in de boekjes nog spoedzorg heet, maar in werkelijkheid beschouwen onze zorgvragers anw-zorg steeds minder als spoedzorg en steeds meer als verlengde dagzorg. Dat is een worsteling voor ons. Maar tegelijk zie je dat er langzaam nieuwe vormen voor komen, een ongelofelijk boeiend proces.’ Voor 2018 ziet hij de ondersteuning van huisartsen in de regionalisering – de verbinding met de wijk, het sociale domein, de chronische en de spoedzorg – als een belangrijk speerpunt. ‘Als ik ga dromen zie ik in 2018 de eerste contouren van een provinciaal zorgcoördinatiecentrum, het centrale triagecentrum waarmee we de ambulancezorg, de ggz en ook de thuiszorg met ons verbinden. De eerste stappen daarvoor worden nu gezet. Zo’n centrum is ook belangrijk voor de werkdrukvermindering in de anw-zorg, ook een punt dat hoog op onze agenda staat.’



Conny Helder
verliet deze zomer de eerstelijnszorg en stapte van de SGE (Stichting Gezondheidscentra Eindhoven) over naar tanteLouise, een organisatie voor intramurale ouderenzorg. ‘Een van de highlights van het afgelopen jaar isvoor mij dat we in de eerste lijn hebben geconcludeerd dat er een infrastructuur nodig is en daar ook handen en voeten aan hebben gegeven. Ik heb zelf de stuurgroep O&I voorgezeten en we zijn echt een stap vooruit gekomen. Dat hoor ik ook huisartsen in het veld zeggen. En nu vind ik het interessant om mijn ervaring mee te nemen naar een andere sector.’ Stappen maken. Continu vernieuwen. Daar gaat het om, vindt Helder. Het is een feit dat het aantal ouderen met dementie blijft toenemen en het aantal medewerkers niet. ‘We zullen steeds moeilijkere zorg moeten bieden met hetzelfde aantal medewerkers. Dat vraagt om creatieve oplossingen. Zo wil tanteLouise haar expertise op het gebied van dementie graag naar de wijk brengen. Maar hoe organiseren we dat? Het is al heel druk in de eerste lijn. Hoe komen we van de ene manier van organiseren, waarbij iedereen zijn eigen vakje heeft, naar een ander model, zonder dat we over elkaar heen buitelen? Dat kan alleen als de eerste lijn zich ook op regioniveau organiseert, en – heel belangrijk – als niet één persoon of organisatie de hoofdrol voor zich opeist. Bij tanteLouise noemen we dat Anders kijken naar hetzelfde, dat is synoniem voor jezelf opnieuw uitvinden. Steeds weer’.


Maarten Stuker nam deze zomer afscheid als directeur-bestuurder van de Centrale Huisartsendienst Drenthe. Na 13 jaar heeft hij de keuze gemaakt voor een eigen onderneming Stuker Coaching en Advies. ‘Ik ben dus nog beschikbaar voor de zorg als adviseur, coach en interimmanager’, zegt hij. Een van de thema’s die hem na aan het hart liggen is het huidige model van de huisartsenpost. ‘Is dit model niet op zijn einde aan het lopen? Er wordt gezegd ‘de werkdruk is te hoog’ en dat is ook zo, maar dat ligt aan de oppervlakte. Daaronder zit meer. Mijn ervaring van de afgelopen jaren is dat daaronder het draagvlak bij huisartsen sterk is afgebrokkeld.’ Stuker ziet het bij zorgroepen ook: ‘het ontstaan van centraal gezag met allerlei regels die veel huisartsen niet kunnen begrijpen of onterecht vinden.’ Een deel van de oplossing zit wat hem betreft in het echt bespreken van deze onderstroom en daar iets mee doen. Daarnaast ziet hij kansen in het versterken van de organisatiekracht van de eerste lijn. ‘De O&I-discussie is daarom heel belangrijk. Het maken van nieuwe verbindingen en samenwerking is ook een topic voor 2018. Ook voor het slagen daarvan, zegt Stuker, is het nodig om niet alleen een visie te bepalen, maar ook onderliggende ideeën en emoties naar de oppervlakte te halen. ‘De Nederlandse gezondheidszorg is internationaal geroemd vanwege de hoge kwaliteit van de eerste lijn. Nu de druk toeneemt moeten we ons inzetten om dat zo te houden.’ Met zijn vertrek uit de CHD nam Stuker ook afscheid als voorzitter van het cao-overleg Huisartsenzorg. ‘Het was moeilijk, maar het is ons gelukt om tot 2019 een cao af te spreken. Dat is heel belangrijk voor het verminderen van de arbeidsmarktproblematiek.’


Nicoline van Nieuw Amerongen
stapte over van de ROS OOGG naar de SHG Groep, waar ze per 1 september is benoemd tot directeur-bestuurder. ‘Bij OOGG was ik betrokken bij alles wat er speelt in de dynamiek tussen welzijn en zorg, en tussen nulde, eerste en tweede lijn. Ouderenzorg, substitutie, positieve gezondheid, hele interessante materie. Dat maakte dat ik zelf aan de slag wilde met deze thema’s.’ Voor 2018 staat er veel op haar agenda. ‘Voor een deel gaat dat over de financiering, de O&I discussie, erg belangrijk voor onze organisatie. Enkele gezondheidscentra bevinden zich in achterstandswijken, hier willen we goede zorg (blijven) leveren en dus is ook daarvoor de financiering nu spannend.’ Los van de praktische agenda, waarop ook onderwerpen staan als populatiebekostiging en eHealth, heeft Van Nieuw Amerongen nog een grote wens. ‘Ik heb ruimte gevraagd om met de organisatie in gesprek te gaan over wat het betekent om een gezondheidscentrum te zijn. Waar staat gezondheid voor? En wat is in dit kader een centrum? Wat betekent dat voor je positie in de wijk? Is een gezondheidscentrum niet méér zijn dan een gebouw waarin onder andere huisartsen werken?’ Een erfenis van haar ROS-tijd is dat ze daarbij op zoek gaat naar voorbeelden en ervaringen van anderen. ‘We laten ons inspireren: de zorg bevindt zich in een transitieperiode, er zijn veel mooie en interessante initiatieven.’


Philip van Klaveren trad per 1 augustus aan als voorzitter van de raad van bestuur van Medrie. ‘Medrie staat aan het begin van een belangrijke transitie. We gaan toe naar een organisatie waarin de medische professie en de bedrijfseconomische professie ontvlochten zijn, zodat iedereen zich kan concentreren op zijn of haar eigen expertise.’ Huisartsen, zegt Van Klaveren, nemen nu onder meer deel aan de Raad van Bestuur, aan diverse zorginhoudelijke overleggen en zitten in allerlei organisatorische en bestuurlijke overleggen. ‘We willen ook een bijdrage leveren aan het ontlasten van de bestuurlijke drukte voor de huisartsen. Invloed blijft belangrijk, ze blijven als aandeelhouder de koers van de organisatie goedkeuren, maar het ontwikkelen van die koers is niet per se hun metier.’ In 2018 krijgt de nieuwe strategie Medrie 2.0 handen en voeten en krijgt als het aan Van Klaveren ligt ook zorginnovatie een accent. Hij noemt het Project Springplank, een samenwerking tussen Medrie, een thuiszorgorganisatie en de ambulancezorg. We willen graag dat mensen die de huisartsenpost bellen sneller bij de juiste persoon terecht komen. Nu gebeurt het te vaak dat mensen op de huisartsenpost komen, terwijl er sprake is van bijvoorbeeld een thuiszorgprobleem. We onderzoeken hoe we vanuit de huidige triage de doorgeleiding beter en eerder in het proces kunnen doen. Hierbij willen we ook de ggz graag betrekken. Ik vind dat een mooi voorbeeld van zorginnovatie, dat heel belangrijk is voor het verlichten van de druk op de huisartsenpost én de patiënten sneller de hulp biedt die zij nodig hebben.’

Gerelateerd nieuws


Bekijk meer