InEen versterkt, vernieuwt en verbindt de eerste lijn en behartigt de belangen van de georganiseerde eerste lijn. Een ijzersterke eerste lijn: daar wordt iedereen beter van! Lees verder.
headerbeeld bij Jeroen Bos, directeur Star-SHL: ‘Innovatie is de voornaamste drijfveer geweest om te fuseren

Jeroen Bos, directeur Star-SHL: ‘Innovatie is de voornaamste drijfveer geweest om te fuseren

28 juni 2017

Eerstelijnsdiagnostiek vervult voor huisartsen een even grote als vanzelfsprekende rol op de achtergrond. Toch staat deze belangrijke diagnostiek onder zware druk. Anno 2017 is er sprake van een prijsdruk die afbreuk doet aan de meerwaarde voor de eerste lijn. Naast hoogwaardige advisering voor zorgverleners en een fijnmazig afnamenetwerk dicht bij de patiënt hebben de EDC’s onontbeerlijke organisatiekracht te bieden. De eerste lijn heeft deze organisatie- en innovatiekracht nodig om mee te kunnen groeien met de voortdurende technologische vernieuwing en daar maximaal van te profiteren. Onlangs fuseerden Star-MDC en SHL – allebei organisaties met hoge waarderingscijfers van zowel huisartsen als cliënten – met elkaar tot Star-SHL.

Innovatie, zegt directeur Jeroen Bos, was de voornaamste drijfveer om te fuseren. ‘Schaal is belangrijk om onze dienstverlening kwalitatief nog beter te maken, maar vooral om goed in te kunnen zetten op innovatie.’ Bovenaan staat de noodzaak de digitale mogelijkheden optimaal te benutten: de gegevensuitwisseling tussen het EDC, de huisartsen- en verloskundepraktijken en eveneens de verbinding met tweede en derde lijn. Ook patiënten vragen – in het kader van zelfmanagement – steeds vaker toegang tot hun eigen diagnostische uitslagen. En dan zijn er nog de groeiende mogelijkheden voor diagnostiek in de praktijk van de zorgverlener, denk aan het Point-of-Care-Testen (PoCT) en de vlucht die sensors op smartphones en lab-on-a-chip nog zullen gaan nemen. Al deze ontwikkelingen vragen om vernieuwing en bezinning op de kansen voor de eerste lijn. EDC’s kunnen daaraan belangrijk bijdragen.

Prijsdruk
Hoewel de waarde van eerstelijns diagnostiek op zichzelf onomstreden is, is de afgelopen jaren een grote en ongewenste prijsdruk ontstaan. ‘Penny wise pound foolish’ noemt Anoeska Mosterdijk, directeur van InEen, de houding die zorgverzekeraars ertoe brengt de tarieven onder druk te zetten in concurrentie met de ziekenhuislabs of laboratoria over de grens. De ruimte hiervoor ontstaat door een achterhaalde bekostigingsmethodiek die geen aandacht heeft voor de andere aspecten die komen kijken bij een goede diagnostische kwaliteit en verantwoorde zorg. ‘Het is technisch een lastig onderwerp. Daardoor is het waarschijnlijk een weinig populair onderwerp waar op korte termijn weinig mee te winnen valt. Daarnaast zijn er grote belangen in het geding, bijvoorbeeld die van de ziekenhuizen’, verklaart Mosterdijk de zich nu al zes jaar voortslepende discussie over de nieuwe bekostiging. Als deze situatie niet verandert, verdwijnen de EDC’s de komende jaren van het toneel, hield op 23 mei huisarts Toosje Valkenburg de algemene ledenvergadering van InEen voor.

Erkenning
Bos: ‘Het appèl dat we op zorgverzekeraars doen is: ga niet nog harder doordrukken op die eerstelijnslabs. Kijk in plaats daarvan samen met ons hoe we de transitie kunnen maken. Wat is de impact van de nieuwe technische en digitale mogelijkheden, hoe gaan we daarmee om?’ Wat van belang is, aldus Bos, is dat de positie en kwaliteit van het EDC, werkend voor de eerste lijn, wordt erkend. Niet alleen in woorden, maar ook in daden. En dat er vervolgens wordt gekeken naar de voorwaarden die nodig zijn om de eerstelijns diagnostiek toekomstbestendig te maken. ‘Dat is een lobby die we zelf oppakken, maar ook van InEen verwachten. Star-SHL is nu het grootste eerstelijns lab van Nederland, maar nog steeds een kleine speler op de begroting van de zorgverzekeraar, afgezet tegen het gemiddelde ziekenhuis. We hebben InEen nodig om onze meerwaarde te onderstrepen. Hoe kunnen we deze maximaal benutten? Dat heeft te maken met een goede positionering en een goede bekostiging.’

Toegevoegde waarde
Ook wil Bos meer discussie binnen de eerste lijn. ‘Ik zou graag de wisselwerking tussen eerstelijns diagnostiek en de huisarts verder uitdiepen. Wat is ieders rol en hoe kunnen labs ondersteunend zijn? Je kunt alles in de huisartsenpraktijk gaan doen: echo’s, hartfilmpjes, fundusfoto’s – er is steeds meer mogelijk. De vraag is echter hoe we samen de zorg richting patiënt het beste inrichten, want er is ook tijd, ruimte en expertise nodig voor al die verrichtingen. Een EDC kan zaken vaak efficiënter, goedkoper en heel klantvriendelijk organiseren. We hebben de techniek in huis en kunnen daar ook makkelijker op investeren dan een huisartsenpraktijk. Als EDC kunnen wij nooit een behandelfunctie hebben, maar we kunnen en willen wel vergaand inschuiven op andere taken om de huisarts te ondersteunen en zo onze toegevoegde waarde verder uitbouwen.’

Trombosezorg
Ook de trombosezorg is in transitie. De beschikbaarheid van nieuwe antistollingsmiddelen verandert de rol van de trombosedienst. Nu het meten van antistolling minder vaak nodig is, neemt de basis voor de klassieke trombosediensten af. Hun specialistische kennis is echter van groot belang voor huisartsen bij het vormgeven van de trombosezorg voor hun kwetsbare patiënten. Ook de ervaring met innovatieve concepten voor blended care en zelfmanagement helpt de eerste lijn nieuwe zorgarrangementen te ontwikkelen en patiënten actiever bij de behandeling en de eigen gezondheid te betrekken. Ook hiervoor maakt InEen zich – samen met de EDC’s – sterk, richting overheid en zorgverzekeraars, maar ook richting huisartsen, gezondheidscentra en zorggroepen.