©aliber: efficiënt en doelmatig huisartsen ontzorgen

7 maart 2019

Er ligt veel op het bord van de eerstelijnszorg. De praktijken worden drukker en hebben daarnaast te maken met de nodige organisatorische taken en ook met een zeer krappe arbeidsmarkt. Daarop inspelend richtte zorggroep ROHWN (West Nederland) in samenspraak met Zorg en Zekerheid de stichting ©aliber op. “©aliber is volledig gericht op ontzorgen en ondersteunen, zodat de zorgprofessional zich kan richten op werk waarin hij veel beter is, namelijk het verlenen van zorg”, zegt Hans Brehler, bestuurder van ©aliber.

Het begon ermee dat zorgverzekeraar Zorg en Zekerheid te spreken was over de doelmatigheid en efficiëntie waarmee ROHWN de ondersteuning van de eigen achterban verzorgt. “Het leek hen een goed idee”, aldus Brehler, “om onze dienstverlening uit te breiden naar de wijksamenwerkingsverbanden in de regio, om zo het professionele karakter van deze organisaties te verhogen.” ©aliber ging in 2018 als een aparte entiteit naast ROHWN van start en is nadrukkelijk niet beleidsbepalend. Brehler: “Eigenlijk liep ©aliber vooruit op Organisatie & Infrastructuur. We kunnen betere kwaliteit bieden tegen een lagere prijs doordat we de infrastructuur voor ondersteuning en dienstverlening versterken.”

Drie modules
©aliber biedt drie modules aan: dienstverlening op het gebied van Financiën, Kwaliteit, opleiden en ICT of Organisatie en HRM. Elke module biedt tools en handvatten. Ondersteuning in de module van financiën kan bijvoorbeeld inhouden dat ©aliber de hele financiële administratie van het wijksamenwerkingsverband overneemt. De penningmeester, meestal een huisarts of een apotheker, kan volstaan met een akkoord via zijn laptop. Waardevol vindt Brehler het scholingsaanbod in de module Kwaliteit, opleiden en ICT. Jaarlijks zijn dat zo’n 20 tot 25 scholingen, op het gebied van ketenzorg, maar ook bijvoorbeeld een training op het gebied van lean-management. Met het ©aliber kwaliteitsteam, dat praktijken ondersteunt bij een breed scala aan kwaliteitsissues houdt ©aliber veel voeling met het veld en kan goed gemonitord worden waar de behoefte ligt. Er is nooit sprake van gedwongen winkelnering, want een wijksamenwerkingsverband kan naar wens één of meer modules afnemen.

Externe expertise
Hoe werkt het? Kenmerkend is dat ©aliber, op een klein kernteam na, zelf geen medewerkers heeft. Gewerkt wordt met medewerkers van ROHWN die naast hun werk, enkele uren willen inzetten voor ©aliber. Neem het kwaliteitsteam dat bestaat uit praktijkondersteuners uit de zorggroep die het leuk vinden om hun kennis af en toe ook elders ter beschikking te stellen. Het voordeel van deze werkwijze is dat de klanten van ©aliber kunnen rekenen op gedreven dienstverleners die goed zijn ingevoerd in de regio. Expertise die de zorggroep zelf niet in huis heeft wordt gezocht binnen de regio. Denk aan deskundigen op het gebied van arbobeleid of keten-ICT, een uitzendbureau of een jurist. “Zij vormen een flex-schil van experts die maar voor een klein deel van hun tijd aan ons verbonden zijn. Dat betekent dat we makkelijk kunnen opschalen en inkrimpen. Daardoor wordt ©aliber nooit een risico voor ROHWN.” Brehler vermoedt dat deze aanpak verder in de eerste lijn nog niet voorkomt. Hij kwam op het idee door de shared service centers waarin de ministeries delen van hun overhead bundelen. Een recente loot aan de stam is de Flexpool die direct inspeelt op de krappe arbeidsmarkt. Ook deze pool bestaat uit assistenten en praktijkondersteuners die al parttime werken bij de zorggroep en af en toe willen invallen bij collega-praktijken die in nood zitten door ziekte of zwangerschapsverlof. Zij krijgen 10% bovenop hun normale salaris en worden per week betaald. De matching en de overige handling gebeurt door het regionale uitzendbureau Luba.

Kosten
Tot slot de kosten. Wat kost het om ©aliber in te schakelen? Enerzijds is ©aliber een onderneming, zegt Brehler, anderzijds een stichting zonder winstoogmerk. Aan de hand van het af te nemen pakket wordt een prijs bepaald. Maar hoe meer klanten, hoe lager de prijs kan zijn. Omdat wordt gerekend per patiënt, betalen de grote samenwerkingsverbanden iets meer dan de kleinere. Bij elkaar is op deze manier voor 2019 al een prijsdaling van 14% gerealiseerd. Eventueel overschot wordt – minus een kleine reserve – teruggestort aan de klant. Brehler: “Dat is statutair zo bepaald. Zo blijft het geld behouden voor de zorg.”

Gerelateerde artikelen


Bekijk meer artikelen

Contactpersonen